Besparingen...
Op het ogenblik dat heel de Vlaamse Gemeenschap moet besparen, dient ook het Vlaams Parlement dat te doen met de eigen middelen. Nog onafgezien van het feit dat de voorzitter zijn wedde gaat halveren (sic) heb ik een concreet voorstel:
In de loop der jaren zijn een aantal instellingen toegevoegd aan het Vlaams Parlement, die ieder een eigen leven zijn gaan leiden, maar toch ook vrij veel geld kosten. Het Vlaams Instituut voor Vrede en Geweldpreventie is té jong van datum om al echt geëvalueerd te worden. Het Instituut voor Samenleving en Technologie daarentegen lijkt mij een absolute overbodigheid waneer ik de uitnodigingen zie. Er zijn overlappingen met tal van andere wetenschappelijke en universitaire instellingen. Er zou dus makkelijk 1,7 miljoen euro bespaard kunnen worden op dit Instituut voor Samenleving en Technologie.
Dan is er nog het Kinderrechtencommissiariaat, dat nu meer dan 10 jaar bestaat. Het Kinderrechtencommissariaat is opgericht bij decreet van 15 juli 1997, na de affaire Dutroux, om iets te doen voor de rechten van het kind. Intussen zijn er 12 medewerkers, waarvan de meesten op universitair niveau aangeworven. De totale uitgaven belopen ieder jaar meer dan anderhalf miljoen euro en ze behandelen 1.100 vragen of klachten. De meeste van die vragen zitten in de sfeer van (v)echtscheidingen, opvoedingsproblemen en schoolproblemen. De meeste vragen komen telefonisch of per mail binnen. In feite, heeft het Kinderrechtencommissariaat vooral een verwijsingsfunctie naar diverse andere diensten.
Het is hoog tijd dat er eens een ernstige evaluatie wordt gemaakt van deze werking! Het zijn nog geen 100 vragen per maand. Het Kinderrechtencommissariaat begeeft zich bovendien op het terrein van individuele dienstverlening, waar heel wat instellingen - ook door de Vlaamse belastingbetaler rechtgehouden - receptief zijn. Ik denk aan de OCMW's, de Jeugdadviescentra (JAC), de kinder- en jongerentelefoon, de duizenden scholen en leerkrachten in Vlaanderen, de centra voor leerlingenbegeleiding (CLB), de Comités voor Bijzondere Jeugdzorg, de centra algemeen welzijnswerk (CAW), de jeugdadvocaten, de politiediensten met de daarbij horende sociale diensten, de opvoedingswinkels, de opvoedingstelefoon, de parketten en justitiehuizen, Kind en Gezin in zijn diverse geledingen, allerhande ombudsdiensten,...
Vanuit zijn onafhankelijke opstelling en met rugdekking van het Kinderrechtenverdrag, formuleert de kinderrechtencommissaris ook nog regelmatig - naar eigen goeddunken - meningen over allerhande maatschappelijke thema's. zoals recent nog in het zeer complexe hoofddoenendebat. Het betrof een standpunt dat volledig ingaat tegen de genomen beslissing van het gemeenschapsonderwijs.
Men kan zich werkelijk de vraag stellen wat de toegevoegde waarde is van het Kinderrechtencommissariaat in het zeer breed en ewaar gesubsidieerde, Vlaamse welzijnslandschap.
Op het ogenblik dat er gedacht wordt aan besparen op de weddes van leerkrachten en dat men een aantal accijnzen wil verhogen, kan men zich de vraag stellen of Vlaanderen niet in eerste instantie een aantal overbodige instellingen moet ontmantelen om op die manier tot een afbouw te komen van het overheidsapparaat.